Welterusten, Goedemorgen (Vijfluik)

Juli – Oktober 2024

i. infatuatie

ik wil ze proeven,

je lippen. koffie met tabak

smaakte nooit eerder zo lekker

je kuste met eindeloos gemak

ik wil voelen, hoe hard

en af en toe zacht

ik wil naast je komen liggen

en vasthouden als dat mag

ik wil je horen, steeds harder

steeds sneller, korte schokken

nagels in mijn huid gekerfd

heel even liefde kunnen foppen

ik wil je zien maar geen foto

doet eer aan mijn gedachten

dus sluit mijn ogen, kijk naar binnen

naar wat ik zag en zondag mag verwachten

ii. adoratie

met de nacht nog in je haar

zit je al op het balkon. het kost me

moeite om mijn hand er niet doorheen

te halen

toch laat ik het nog even zitten, want

je bent lief

zo half wakker, mijn lief

ogen op half zeven met nog maar net

een paar halve gedachten

achter je leden

half in de wakkere wereld

half onderdeel van het bestaan

maar al heel veel zin in samen

zin om er samen voor te gaan

iii: infatuatie

mama! ik heb hem gevonden

ik mag mijn liefde geven en

ik hoef er niets voor terug

nee echt niet, mama

ik hoef er niets voor terug

want als ik geef dan voel ik ook

en als hij dat niet doet dan is er

geen nood aan de man want ik kan

zonder zijn liefde ook leven,

ook geven,

ik doe dat wel voor hem

ik heb er toch zo veel van?

mag dat delen voor ons beide

nee het is niet erg, mama

ik hou ook wel voor hem

van hem

ik kan zonder

welterusten,

goedemorgen

ik heb genoeg zo,

ben tevreden

het is goed zo,

zeker weten

ik vind het in de stilte

dat weet je toch, mama

dus maak je maar geen zorgen,

ik ben echt oké, mama

iv: realisatie                                                           

je bent van niemand, dat weet ik,

ik ook niet. maar

ik zou zo graag

een stukje van je willen.

wat zou je daarvan vinden?

een klein stukje maar, hoor,

af en toe, voor even

ik kan het gewoon lenen

geef ik het later weer terug

en ik zal er goed op passen,

in de tussentijd. bewonderen,

verwonderend, als het onweer komt

en ’t bliksemt

zal ik het beschermen van het licht

want, ik weet, jij bloeit

in ’t donker; ja alles heeft gewicht

dus als het mag dan til ik het

voor mij weegt jouw zwaarte niks

wil je anders ruilen?

een stukje jou voor een stukje mij

misschien voelt dat iets fijner

als een borgsom; wat vind jij?

geef me anders iets

dat je toch wel verliest,

zoiets kleins als een haar,

of nog kleiner, een wimper

ik pluk hem zo van je wastafel

en stop hem in mijn zak. mag dat?

alsjeblieft?

ik wil zo graag

een teken

dat je een klein beetje van mij bent

al moet ik erom smeken

v: acceptatie

als ik je dan niet liefhebben mag

laat me maar degene zijn

die je ziet, echt ziet

[maar niets zegt of doet]

diegene die opvalt

hoe, vandaag,

je haar krult,

hoe je blouse valt,

hoe je huid ruikt

hoe de lichte spikkels in je diepblauwe ogen

mij doen denken aan de zon

wanneer haar stralen breken op de kleine golven

van het amsterdam-rijnkanaal

zoals die avond, toen we erlangs liepen

tijdens haar ondergang

hoe je lippen naar koffie met tabak smaken,

en hoe die combinatie op niemand anders

zijn lippen

zo lekker smaakt; omdat het jouw lippen zijn,

omdat die aroma’s zo zijn verwikkeld

met jouw zijn, dat ze bij jou horen

[alleen bij jou]

hoe je wandelt met je hoofd

naar rechts gekanteld, alsof de zwaartekracht

net iets harder aan jou trekt dan aan anderen, alsof

je gedachten zo zwaar wegen dat ze simpelweg

richting de aarde willen gaan, verlost van je hersenen,

van je gewik en geweeg, in de grond, weg,

ver weg, weg van alles wat je daarboven bent

en met niemand wil delen.